dinsdag 31 maart 2009

Project Kabouter

kale kabouterTijdens de verhuizing van Rhinofly was er nog een intern project gaande. In het grootste geheim waren er namelijk 40 kabouters het pand binnen gesmokkeld. Iedere Rhinofly'er kreeg er één. Het verhaal erachter? We wilden Martijn en Ronald een kadootje geven ter gelegenheid van hun (en ons) nieuwe pand. En wat beter dan 40 hulpjes voor het toch al goed lopende Rhinofly? Zo gezegd, zo gedaan.

kabouters aankledenToen wij vrijdagmiddag, moe van het verhuizen van Rhinofly (wat trouwens als een speer ging), thuis kwamen, moesten we weer aan de bak: de witte kaboutersnoetjes moesten kleur krijgen! Ik heb wat voorbereidend werk gedaan, en ben zondags met Nicoline aan de slag gegaan. Onze kabouters kregen kleertjes aan: Nicoline naaide een levensechte blouse en broek - mét kontzakken! - en ik ging met een mesje en lapjes stof aan de slag. En zo kwamen onze kabouters beetje bij beetje tot leven.

kabouterMaandagochtend werden de 40 nieuwe collega's voorgesteld. We zaten met z'n allen bij elkaar voor de eerste weekbespreking, verzameld rond 'de boom' (die nu nog alleen uit blaadjes bestaat). En daar kwam Johan, met een kruiwagen vol kaboutervriendjes. Dolle pret! Want wie heeft nu welke kabouter gemaakt... We hebben echt verschillende karakters: radioactief paars, fluoriserend, effen grijs, glitterend, goudkleurig... Er zijn ruimtevaarders, travestieten, één hele sexy vrouw en een vrouw in burka, een FC Den Haag-supporter, een FC Utrecht-supporter (die staan voor de zekerheid ver bij elkaar vandaan...). Er zijn huiselijke types, accountbouters en bikers. Er is maar één manier om het goed te zeggen: Rhinofly is van alle markten thuis!

Toegegeven...

Toch maar proberen dan: mijn Twitter-account: http://www.twitter.com/quipu. Als je die af en toe eens bekijkt, zie je dus misschien wel waar ik mee bezig ben. Of niet. We zullen zien!

quipuDan toch maar wel even uitleggen waar die gebruikersnaam vandaan komt: 'quipu'. Dit woord komt uit de taal van de Inca's, die in de 15de eeuw in de Zuid-Amerikaanse Andes regeerden. Een quipu is een verzameling van draden, gesponnen van lama- of alpachaar. Door in die (geverfde) draden bepaalde knopen te leggen op bepaalde posities, werden het een soort notitieboeken van de quipucamayoc. De quipucamayoc zijn degenen die de quipu maakten en konden 'lezen'. Op deze manier werden aantallen inwoners, de productie van mais, de verzameling wapens of het bedrag aan belastingen genoteerd. Maar het was ook een manier om verhalen te onthouden en te bewaren voor een volgende generatie. Een quipu kan een paar draden hebben, maar ook 2000.

Twitter is voor mij een soort quipu: telkens schrijf je een 'knoop', een notitie, over wat je aan het doen bent, zodat je later je verhaal kan vertellen aan de hand van die notities. En zoals gezegd, we zullen zien of mijn quipu nut heeft...

maandag 30 maart 2009

To Twitter or not to...

Bloggen is al ingeburgerd: om de paar dagen (of een paar keer per dag) even een verhaaltje vertellen over wat je bezighoudt, met een fotootje erbij. En daar kunnen andere mensen dan reacties op geven (helaas werkt dat bij mij even niet). Dat doet (bijna) iedereen, en niet alleen als ze op wereldreis zijn. Maar ondertussen is er een ander soort bloggen dat een grote opmars maakt: twitteren. Op de website twitter.com heb je dan een persoonlijke pagina, waarop je 'twittert'. Het uitgangspunt is dat je antwoord geeft op de vraag "Wat doe je?". Dus dat kan zijn 'ik ga nu maar eens koken'; 'bedtijd. Tot morgen!'; 'ik begin nu aan een nieuw project'. Maar omdat anderen erop kunnen reageren (op hun twitterpagina), ontstaan soms 'gesprekken' over en weer. En iedereen kan meedoen, zolang je berichtjes maar korter zijn dan 144 karakters, want dat is de grens: langer kan niet.

Nu zijn mijn collega's druk aan het twitteren: iedereen houdt bij wat hij doet. De een vaker dan de ander, maar al heel wat doen er aan mee. Maar hier bij Rhinofly hebben we ook Yammer. Dit is Twitter zonder de begrenzing van het aantal karakters, en bovendien is Yammer alleen binnen Rhinofly te benaderen. Ook hier doen we korte meldingen over de dingen waar we mee bezig zijn, die we interessant vinden, of die gewoon leuk zijn. Vanzelfsprekend doe ik hieraan mee, al zet ik er echt niet veel op.


Terug naar Twitter. Het is toch wel grappig: ook buiten werktijd om kan je contact hebben met je collega's, zien waarmee ze bezig zijn en wat ze bezig houdt. En anderen (familie, vrienden) kunnen het ook zien - als ze willen. De afgelopen dagen, tijdens de verhuizing en project K (later meer daarover), was het wel erg leuk geweest om ook een Twitter-account te hebben. Wil ik dat ook? Nog een stukje van mijn leven openbaar maken? Want ik heb toch al mijn blog? En Flickr? en Hyves? En LinkedIn?
En zo ontzettend online ben ik niet, met mijn mobiele telefoon die kan bellen en smsen. Kortom, Twitter zou voor mij een medium zijn om, voornamelijk aan mijn collega's, te vertellen waar ik mee bezig ben, op een manier die bij hen geen potentiële spam in de e-mail veroorzaakt. Ik ben er nog niet uit of dat (naast Yammer en e-mail) de moeite van een Twitteraccount waard is...

Zand = fazant

Vanuit ons nieuwe kantoor heb ik een schitterend uitzicht op een braakliggend stuk grond in Papendorp. En als ik naar huis fiets, fiets ik langs nieuwbouwwijken (een half uur lang!). En wat zie je daar dan bij bosjes? Fazanten! Vrijdag op de fiets al vier in een half uur, en vanmorgen scharrelt er eentje rond in mijn uitzicht. Leuk!

En het record? 19 fazanten, oud en jong!

vrijdag 27 maart 2009

Van Kanaalweg naar Papendorp

rhinofly blokhutIn de tijd dat ik er 'even' niet was, is Rhinofly behoorlijk gegroeid. Dus het werd tijd voor een wat grotere werkruimte - een splinternieuwe nogaliefst, in Papendorp! Gisteren was het eindelijk zover. We namen allemaal afscheid van ons pandje aan de Kanaalweg:
"Rhinofly heeft haar pubertijd achter de rug (maar echt volwassen zullen we nooit worden) en nu is het tijd om uit huis te gaan."

"En aan de nieuwe bewoners: wees voorzichtig met “ons” kantoor, want anders weten we jullie te vinden."

"Wij groeien verder, maar altijd met jou in het achterhoofd!"

"En ook al was je in de zomer lekker koel, helaas was je dat in de winter ook, tenminste, afhankelijk van waar je zat."

wc deuren"We zullen altijd aan je blijven denken als de plek waar Rhinofly is opgegroeid tot een volwaardig creatief bureau."

"jij ook altijd met je tippelzone, je wannabe roeicoaches..."

"Weet je nog... Of alle klanten en sollicitanten die je vervloekte omdat de Kanaalweg toch langer was dan je zei."

"Jij met je fijne vloer, waar je op kon rennen en geweldig skateboarden."

"En denk dan maar stug - ‘Ik sta tenminste aan de goede kant van de brug’ "

"We ontdekten dat je twee kanten had. Een dark side en bright side."


(lees alles)Het inpakken (dat ook uitvoerig in foto's is vastgelegd) verliep in een ongekende record-tijd. De hele vrijdag lang gooiden mensen al dingen in kisten en dozen, en toen het echte verhuizen begon, zo rond half drie, was het zo snel voorbij dat we om half vijf al aan het bier zaten! Alles ingepakt, bureaus leeg, schermen en computer verzameld; stoelen opgesteld in rijen van vijf... Klaar voor de verhuizers!

werkplek!Vandaag begon dus het inruimen. Dat kwam wat langzaam op gang, omdat eerst de bureaus, stoelen en andere inrichting kwam, en toen pas de dozen met spullen. Maar daarna ging iedereen aan de slag: Team Montage, Team Keuken, Team Schoonmaak... En eigenlijk liep de teamindeling een beetje door elkaar, want iedereen hielp gewoon waar het nodig was! Echt een supersamenwerking! Het nieuwe kantoor is echt #superruig (Rhinofly-jargon). Zeker toen het kartonnen verpakkingsmateriaal weg kon en de grijze vloer ervoor zorgde dat de fantastische witte kasten mooi uitkwamen. Met 'houten' latten erop, echt schitterend werk van Arjan van Dijk (ja, die uit R'veer!). Om een uur of vijf hadden we allemaal een nieuwe werkplek met computer en alles. Nu rest nog het netwerk (kom op, jongens van MenS) en dan kunnen we maandag aan de slag.

de kasEn de Kanaalweg? Die missen we niet zo heel lang, denk ik. De blokhut, dat zal wat langer duren, dat was echt een Rhinofly-icoon. Daar heb ik ooit mijn sollicitatiegesprek gevoerd... Maar daarvoor in de plaats hebben we nu blokhut 2.0: de kas! En daar is een Westlandse natuurlijk maar wat blij mee... :-)

zondag 22 maart 2009

Eindelijk af...!

rood vestjeIk heb bijna twee jaar geleden een boek gekocht waarin heel wat leuke haakpatronen staan. Vol goede moed heb ik er een uitgezocht, garen gekocht, haaknaald gekocht, en toen ben ik aan de slag gegaan. Dat was in mei 2007. Toen kwam er een wereldreis tussendoor... maar nu is het dan toch af.

Niet helemaal volgens het patroon (want die had een iets andere stekenverhouding), en met iets meer garen dan oorspronkelijk gedacht, maar hij is af. En hij past heel mooi bij de bos rode rozen die ik en al mijn 8 vrouwelijke collega's afgelopen vrijdag van Ronald kregen. Mooi!

Kletskoppie

Gisteren zat ik met mijn kleine vriendin E en haar broertje op de achterbank van de auto. Ging net, tussen de kinderstoeltjes in. En wat een gezelligheid! Tenminste, als we E genoeg aandacht gaven... En E (21 maanden) wilde vooral zingen. Over eendjes die zwemmen in het water, schaapjes met wol, en activiteiten in de maneschijn. Die liedjes ken ik wel, maar ze zitten wel verstopt in mijn kleine teen. Terwijl moeder en ik de liedjes zongen, deed E met groot plezier de gebaren mee en af en toe "zong" ze ook een woordje mee. Maar echt meezingen, dat toch niet.

Op de terugweg was E (terwijl ik met haar ouders praatte) verwikkeld geraakt in een zogenaamde semi-monoloog. In 'De taalverwerving van het kind' (A.M. Schaerlaekens / S. Gillis) wordt dit beschreven als een uiting zonder communicatieve waarde, die wel in het bijzijn van anderen worden uitgesproken. Dit taalgebruik is geen middel voor communicatie, maar het is een doel op zich: het kind speelt met de taal. E gebruikte de liedjes als uitgangspunt en richtte zich min of meer tegen haar knuffelolifant. Het grappige was dat zij daarbij zinnen uit alle liedjes die we gezongen hadden, combineerde. Na iets over 'eendjes in water', volgde 'ja baas, ja baas, ja baas... vol'. Dat laatste is een variatie op de originele zangregel, waarin 'ja baas, ja baas' gezongen wordt. Erg leuk om dit te horen. Volgende keer ga ik er eens meer op letten wat dat kletskoppie allemaal te vertellen heeft.

Ook had ik een heel 'gesprek' met broertje T (bijna drie maanden oud). Hij lacht al goed, en volgens het boek bevindt hij zich in de vocaliserende fase. En dat bleek. Hele verhalen werden mij toevertrouwd, waarbij T mij echt aankeek. Een echte protoconversatie! T is ook heel goed in het imiteren van gelaatsuitdrukkingen. En straks, over een maandje of zo, kunnen we verwachten dat hij zijn tong en lippen gaat gebruiken om behalve vocalen ook consonanten te vormen. Van T kunnen we nog heel wat vocaal spel verwachten... en hij is ook gewoon een stoere knul.

donderdag 19 maart 2009

Genept door de vla

Gisteravond hadden wij Campina Vanillevla als toetje. Bovenop het pak stond dat de vla een nu nóg betere voedingswaarde had, en slechts 0,7% vet bevatte. Nou, dat vraagt natuurlijk om nader onderzoek. Op de voedingswaardetabel was, heel vriendelijk, zowel de voedingswaarde van de 'oude' vla gezet, als die van de vla in het pak. En wat bleek? Het verschil in die tabel was 0,03% in de verzadigde vetten. Hmm, dat maakt de nieuwe vla vast echt gezonder. Al schijnt het ook aan het voer voor de koeien te liggen, stond ergens anders op het pak (jaja, het gras van de buren is groener!).
Dan nog het vet: 0,7%. Het totaal aan vetten was - om precies te zijn - 0,76%. En afronden kan ik wel: 0,5 en hoger naar boven. Dus die vla bevat geen 0,7%, maar 0,8% vet! Dus als het aan mij ligt, word je door Campina een tikkie genept hier!

zondag 15 maart 2009

Eerste lente-ochtend

narcisVanochtend was het heeriljk weer: zonnetje, niet te koud, niet te veel wind. Kortom, perfect lenteweer. En dat dus wilde ik even wat foto's maken van dat kuipje narcisjes dat voor mijn deur staat. Joost was squashen, dus alle tijd om even aan te rommelen met dat soort dingen.

Zo gezegd, zo gedaan. Met de macrolens even bovenop de kleine, gele trompetjes gezeten. Levert altijd mooie plaatjes op en bovendien ga je door zo'n macrolens ineens anders kijken naar gewone dingen, juist omdat je er met je neus bovenop zit.

En toen... was de voordeur dicht. Sleutel aan de binnenkant laten zitten. Oeps! En Joost was dus weg. Hmm... Wachten dus (minstens drie kwartier, dacht ik zo).... buitengeslotenDan nog maar eens naar de narcissen. En de rozemarijn. Dat lijkt trouwens wel een eeuwenoude boom waar kabouters onder kunnen leven - als je door de macrolens kijkt.

Nog geen Joost... Dan maar even de rommel in onze 'tuin' opruimen (lees: randje zand langs het huis van de buren). En het gras 'knippen' (met de hand)... Daar knapte ons grasveldje overigens wel van op. En na een uur en een kwartier ongewild buiten zijn was de zon weg en Joost thuis. Met sleutel (gelukkig maar).

maandag 9 maart 2009

Armbandje

armbandjeOnderweg, ergens in een internetcafé in Nieuw Zeeland, vond ik een patroon van een gehaakte armband. Aangezien ik onderweg al eerder bezig was geweest met een haaknaald (in bus en vliegtuig), vond ik dit wel een grappige uitdaging. Toen had ik nog wat katoen over, en dat werd best aardig, al rekte het op den duur wel een beetje uit.

Collega Nicoline zag het, en wilde er ook wel eentje. Nou, in dat weekje dat ik op stap was, had ik prima de tijd om weer eens lekker te knutselen. En voilá, armbandje!

Voor de creatieven onder jullie: het patroon komt van Crochet Today (Julie Cuff).

Terug van weggeweest

esther en llamaBijna drie maanden zijn we nu terug van weggeweest: na een kleine 15 maanden reizen landden we op 14 december weer in Nederland. "Terugkomen" was een heel gedoe: inschrijven bij de gemeente, huis zoeken, vloeren zoeken, meer huis zoeken, huis huren, vloeren leggen, weer aan het werk (ik dan), dozen leeggooien en huis inrichten...

Inmiddels heb ik het idee dat we een beetje thuis zijn. Het huis is ingericht, we zijn nu allebei weer aan het werk en de weekenden lopen weer razendsnel vol met afspraken (dat zouden we niet laten gebeuren, maar het is onvermijdelijk in dit land). Bij Rhinofly was het ook behoorlijk druk - en aangezien ik niet ingewerkt hoefde te worden, kon ik op 5 januari direct ingezet worden voor een groot, belangrijk project met een Deadline. Dus dat ik na zes weken er even tussenuit mocht met mijn moeder was geen verkeerd plan..!

Maar we zijn er dus weer. En aangezien het leventje weer een beetje op gang is, gaan we deze blog ook maar weer eens aanslingeren.